Ze opende haar deur direct nadat dat de strooiwagen het pad naar haar woning opreed. Volgens afspraak deed de zorgcentralist de camera in de huiskamer aan. Daar was ze. Met haar neus tegen het raam gedrukt. Gebiologeerd keek ze naar de bewegingen van de tractor met aanhanger. Tijd voor ons om naar haar toe te gaan.

Het bleek niet eenvoudig om haar terug naar bed te krijgen.

`Hoi Jessica, hier is de nachtdienst. Loop je mee naar je kamer?’

Ze had er niet veel oren naar en wees enthousiast naar buiten.

‘Strooien!’

‘Ja, dat was de strooiwagen, maar het is nu nacht, kom je?’

Met frisse tegenzin sjokte ze achter ons aan en ging in bed liggen. Ze was wat prikkelbaar dus onderstoppen was niet echt gewenst.

‘Ze strooien!’

‘Ja, het is winter, dan moeten ze weleens strooien, hè?’

Ze haalde een beetje geïrriteerd haar schouders op en stak haar hand naar ons op voordat ze op haar zij draaide.

‘Welterusten Jessica.’

Ze trok haar dekbed over haar hoofd. ‘Welterusten’

Juist op het moment dat we de woning verlieten hoorden we dat ze haar deur opnieuw opendeed. We draaiden om en brachten haar terug naar bed.

‘Ga je nu lekker slapen?’

‘Ja, slapen.’

Jessica bleef de hele nacht onrustig, ze was licht gespannen en slapen was niet aan de orde. Na een paar bezoekjes lieten we haar met rust. We wilden de zaak niet op de spits drijven. Ze kan namelijk vrij explosief reageren door middel van slaan of met spullen gooien.

Nachten als deze komen vaker voor bij Jessica. Veranderingen van begeleiders of haar vaste programma zijn bijvoorbeeld dingen die haar uit haar slaap houden.

Bij verder oplopende spanning kan ze scheldend bij anderen de kamer inlopen. Soms scheurt ze uit frustratie haar pyjama kapot. Om die reden bleven we haar in de gaten houden via de camera.

We zagen haar met vlagen op en neer lopen tussen haar slaapkamer en de huiskamer.

Toch maakten we ons deze nacht niet erg bezorgd om haar of haar huisgenoten.

We kennen Jessica goed genoeg om te weten wat er aan de hand was. Dit was Jessica, wachtend op sneeuw. Klaarwakker, nieuwsgierig en vol verwachting liep ze telkens naar het raam en keek omhoog.

Rond vijf uur zagen we haar opgewonden rondrennen en springen. Buiten viel de sneeuw in dikke vlokken naar beneden. Het wachten was beloond!

Scroll to Top